Tekstbureau Hollandse Kost |
TE VERWACHTEN
ONLANGS GEPUBLICEERDWekelijkse column op http://Moonblog.nl 1. In de media:
2. Overheid & Bedrijfsleven:
| OPDRACHTGEVER: PLUS WOMANPublicatie: juni 09 Inspiratie maakt je blijTestemonial 01: Decoratief schilder Testemonial 03: Gambia
‘Als iemand werkelijk geïnspireerd is, begint ‘ie te stralen’, zegt Jacqueline de Haan, directeur van trainingsbureau Inspiration Company. Dagelijks krijgt ze bedrijven over de vloer die hun medewerkers weer enthousiast en geïnspireerd willen krijgen. Want alle deskundigen zijn het erover eens: leven (en werken) vanuit inspiratie geeft je bezieling, voldoening, kracht en energie. Je blijft er jonger bij, meer tevreden en blij. Naar boven In het Latijn betekent inspiratio ingeving of inblazing. Duidelijk is dat er een bepaalde bevlogenheid in je komt. Je inwendige gaskachel springt aan door iets wat je hoort, ziet of meemaakt. Het kwartje valt, waardoor je een verhelderend inzicht krijgt, alsof de ‘leidingen’ in je hoofd even zijn schoon gespoten. Het is een creatieve stroom, een flow, waarbij je ego lijkt uitgeschakeld. Je schildert ineens de sterren van de hemel, zomaar vanuit het niets, het penseel lijkt er met jou vandoor te gaan in plaats van dat jij de controle voert. ‘Het is een moment waarop ik alles zie, hoor, proef, ruik en voel. Al mijn zintuigen staan open’, zegt Dyanne Beekman, imagostyliste en bekend van modeprogramma’s op tv als Looking Good en Passion for Fashion, waarin zij met name vrouwelijk Nederland inspireert zich meer bewust te zijn van zichzelf en dat middels kleding ook uit te dragen. Haar inspiratiebron vindt ze in mensen. ‘Ik kan heel erg niet naar iemand kijken, maar iemand volledig zien. In elk mens zit iets moois. Ik probeer het maximale uit mensen te halen, niet door middel van wat ze dragen, maar door ze bewust te maken wie ze zijn en waar ze op moeten letten, waardoor ze blijer opstaan, zich beter voelen en presteren.’
Schrijver en zakenman Hans Peter Roel, die onlangs zijn boek ‘KI’ op de markt heeft gebracht over het vinden van balans en leven vanuit innerlijke kracht, vond zijn inspiratiebron bij Boeddhistische monniken tijdens een lange reis door India en Nepal. ‘Ik zat midden in de materiële welvaart, was net dertig en dacht: er moet toch iets meer zijn in het leven. Die reis heeft bij mij de knop omgezet, het was het keerpunt in mijn leven.’ Hij ziet inspiratie nu vooral als een innerlijk proces ‘Het komt voor mij van binnenuit, zodra je innerlijke rust hebt, in balans bent en je openstelt. Vanuit ontspanning ben je meer verbonden met de wereld en komen de ideeën vanzelf naar je toe.’ Zelf ziet hij tijdens het schrijven van zijn boeken ‘een film’ voor zich, die hij vervolgens opschrijft. ‘Het verhaal ontvouwt zich. Als ik ga denken, lukt het niet.’ Naar boven De Haan: ‘Veel mensen draaien in hun leven in hetzelfde kringetje rond. Om het vuurtje aan te wakkeren, halen we mensen uit hun routine. Wij laten ze weer eens wat anders zien, voelen, denken en beleven dan ze gewoon zijn. Voeding biedt mentale verruiming, waardoor ze weer geïnspireerd kunnen raken.’ Ook rust en ontspanning doen wonderen. Dat betekent: je los trekken van dagelijkse sleur en zorgen, niet teveel nadenken en controle willen houden, maar ruimte scheppen in je geest. Hans Peter Roel: ‘Inspiratie komt vanuit ontspanning, bijna vanuit een niet-moeten. Het is meer ontvangen en dat betekent niets anders dan de deuren openzetten.’ Wie kan schakelen tussen beide - het regelmatig nieuwe impulsen zoeken en het vinden van rust in jezelf – heeft alle ingrediënten in handen. Dyanne Beekman: ’Voor inspiratie op mijn vakgebied reis ik veel en zie alles wat er is. Maar om werkelijk geïnspireerd te raken heb ik uiteindelijk rust en afstand nodig, vrijheid, echt loslaten en niet vervuild zijn met allemaal dingen die moeten.’ In feite gaat het ook om bewustzijn. In welke omgeving voel jij je prettig? Waar voel je je überhaupt prettig bij? ‘Vooral mijn zintuigen moeten niet worden beperkt. Als ik mij ergens niet goed voel, werk ik vanuit mijn hoofd en tenen en raakt mijn energie op. In zo’n omgeving vind ik het dan ook moeilijk om te zijn of te geven wat ik heb te geven.’ Naar boven Ook stress, zorgen, teveel denken en moeten, sluiten de weg af naar inspiratie. Roel: ‘Als je teveel vastzit in je denken en de dagelijkse sleur en stress, met zorgen voor morgen en gepieker over wat je gisteren allemaal niet goed hebt gedaan, dan blokkeer je de toegang tot je innerlijke energiebron, waar ook de ideeën, nieuwe mogelijkheden en creativiteit liggen opgeslagen.’ De weg naar inspiratie betekent vooral loslaten, terugkeren naar de balans in jezelf en je openstellen voor nieuwe impulsen. Het betekent soms ook actief breken met gewoontes en opnieuw durven zoeken. Het betekent vooral ook bewust leven: waar word je gelukkig van, wat raakt en interesseert je nu écht? Testemonial 01: HARRIET DAMAVE (48)
Schilder Karel Appel zei ooit: ik rotzooi maar wat aan. Kunstenaar Wim T Schippers omschreef het als: ik gooi er met de pet naar, maar ik richt wel goed. Harriet Damave (48): ‘Het zijn belangrijke uitspraken voor mij geweest.’ Testemonial 02: MARIJKE SCHOENMAKERS (50)‘Ik voelde mij altijd onrustig van binnen, alsof ik continu op zoek was naar iets wat mij diep van binnen echt raakte. Wat wil ik nou écht in het leven? Ik vond mijn weg wel hoor. Ik ben een vrolijke meid, weet van aanpakken, had een leuke en verantwoordelijke baan als leidinggevende, een eigen huis en ging vier keer per jaar op vakantie. Maar toch miste ik iets wezenlijks. In 1993 kwam ik voor het eerst in contact met Avatar. Het is een methodiek waarmee je weer in contact komt met je gevoel en intuïtie. Ik kwam zoveel te weten over mijzelf. Op mijn werk begon ik daardoor bewust anders leiding te geven en dat had zoveel effect. In plaats van de boel gaande te houden, inspireerde ik medewerkers hun rol in eigen hand te nemen. De sfeer op de afdeling veranderde totaal: iedereen raakte veel meer gemotiveerd. Langzamerhand werd mij steeds duidelijker wat ik te doen heb in dit leven. Sinds zes jaar ben ik fulltime Avatar-master. De oefeningen zijn praktisch en ervaringsgericht en het is geweldig om te zien wat de deelnemers ermee bereiken. Er is niets mooier dan te zien dat mensen weer grip krijgen op hun eigen leven, dat ze niet meer bezig zijn te overleven of te reageren op de wereld, maar doelbewust leven in overeenstemming met wat er leeft in hun hart. Ik ben dankbaar dat ik daaraan bij kan dragen. Het tilt mij naar een dieper niveau van leven. Ik voel mij daardoor krachtig en zorgeloos. Testemonial 03: MARIEL BEEMSTER (44)‘Ik heb veel gereisd en mooie dingen gezien, die misschien Gambia wel overtreffen. Maar ik zal nooit het eerste moment vergeten dat ik vanuit Senegal dit Afrikaanse land binnenwandelde. Het was alsof er een deur openging en ik welkom werd geheten, alsof daar mijn plek was, ik daar moest zijn. De muziek, de kleuren, de vriendelijke en open mensen: ik werd enorm door dat land geraakt. Het overviel mij ook, ik had het helemaal niet verwacht. Ik keerde steeds weer terug en de periodes werden steeds langer. Ik wilde het land voelen en ervaren, tussen de mensen zijn. Niet meer als toerist en toeschouwer, maar er werken en wonen. Ik naaide zelf kleding en zo kwam ik rond gedurende die periodes. Zo ontdekte ik dat Gambia een walhalla is van textiel. Overal zitten kleermakers achter hun naaimachine, die voortdurend met ontwerpen bezig zijn. Want de Afrikaanse vrouw koopt geen traditionele kleding, maar stof, waarmee ze vervolgens naar een kleermaker gaat. Dat vind ik ook zo mooi. Evenals de vrouwen die in van die prachtige, kleurige gewaden lopen en zo sterk en krachtig zijn. In 2007 heb ik daar een atelier opgezet, waar we lokale kleermakers opleiden kleding te produceren voor de Europese markt. Ik verkoop die kleding vervolgens in Europa. Ik woon nu weer in Nederland, maar door dit project heb ik het lijntje met het land heel kort gemaakt. Ik ben met het land getrouwd en laat het niet meer los. Het is een heel diep gevoel, merk ik.’ Opdrachtgever: TON MAGAZINEFebruari 2009 Onderwerp: De gevolgen van de kredietcrisis/recessie voor het transport. THK interviewt 2 vrachtwagenchauffeurs over wat zij ervan merken. De portretten passen binnen een groter verhaal. INTERVIEW 01 - WIEL VAN DER LOOP We kregen de brief een dag voor de feestdagen binnen, dus je kunt je voorstellen hoe wij ons met de kerst gevoeld hebben. Toen er acties dreigden vanuit de vakbond, kregen we het toch betaald begin januari. Dat maakt veel goed. Als ik het terrein op rijd, zie ik wel dat er veel vrachtwagens aan de kant staan. Persoonlijk heb ik er weinig last van. Het zijn met name de jongens die met cement rijden in ons bedrijf die er last van hebben. Ik rijd stikstof voor ziekenhuizen en metaalbedrijven, van Limburg tot Groningen. Zij hebben de verplichting iedere week de tanks te laten checken, dus mijn ritten zijn gewaarborgd. Wat ik wel merk is dat ik wekelijks minder hoeveelheden gas in de tank pomp. Een bedrijf dat normaal 1500 kilo stikstof krijgt aangeleverd, neemt ineens maar de helft af. Daar hoef je geen vraagtekens bij te zetten. Het is een logisch gevolg: de orderportefeuilles lopen terug. Er zijn ook minder vrachtwagens op de weg. Dat merk je wel. Ik heb minder last van files en hoef minder op de verkeersinformatie te letten of ik files moet omzeilen. In december is het sowieso een slappe maand, maar in januari begon het zich af te tekenen. Toen dacht ik ‘jongens, hier is echt serieus wat aan de hand’. INTERVIEW 01 - JOS VAN AS Het waren de eerste tekenen. Je kunt wel begrijpen dat er paniek ontstond bij de chauffeurs. We rijden allemaal al heel lang voor het bedrijf, er is een hechte band. Fred Vos had ons toch het een en ander uit te leggen. Het ging niet goed, vertelde hij. De maanden daarna werden de lonen steeds later uitbetaald. In december kregen we helemaal geen loon meer. ‘Jongens, als maandag het loon er nog niet is, dan rijden we niet uit’, besloten we. Op maandagochtend 5 januari zijn we gaan staken. Uiteindelijk hebben we ons loon nog wel gekregen, maar sinds 5 januari is het niet meer goed gekomen. Ruim een week later hoorden we dat er faillissement was aangevraagd. Op 9 januari kreeg ik te horen dat ik mijn vrachtwagen moest inleveren en sindsdien zit ik thuis. Je voelt je daar toch wel droevig onder. Je zit daar 19 jaar lang dag en nacht te werken. Ik maakte gemiddeld 40 tot 50 overuren per maand. En binnen een paar maanden zakt de boel in elkaar. Ik ben nog nooit werkloos geweest, dus je hebt zoiets van: moet ik mij nu druk gaan maken? Ik heb wel het idee dat er werk is, maar zal wel heel hard moeten zoeken. En als internationaal chauffeur genoegen moeten nemen met een baantje op een vuilniswagen of een zandkieper ofzo.’ Opdrachtgever: PLUS WOMANDecember 2008 Een leven lang liefdevol EEN LEVEN LANG LIEFDEVOLHOE DOE JE DAT?Soms zie je zo’n stel dat al jarenlang sprankelend en liefdevol samen is. Hoe doen ze dat toch? Is het een kwestie van geluk of kun je er zelf iets aan doen? ‘Het geheim is dat men beseft dat men verschilt en dat men dan daar iets mee doet.’ Zorgen voor jezelfDe paradox in een langdurige relatie is volgens Vansteenwegen ‘dat men enerzijds goed voor zichzelf moet zorgen en een eigen ontwikkeling moet hebben en anderzijds rekening dient te houden met elkaar.’ De twee uitersten daarvan zijn schadelijk. Als men alleen maar voor zichzelf zorgt, wat Vansteenwegen ‘de vrijgezellen in het huwelijk’ noemt, zal de relatie geen lang leven beschoren blijven, is zijn ervaring. Maar evenzeer ziet hij het somber in voor de Moeder Theresa’s onder ons. ‘Iemand die zichzelf helemaal opoffert voor z’n partner wordt bitter en ongelukkig en ook die relatie zal niet lang duren.’ Oftewel: jezelf weggeven is ook weer niet slim als je graag langdurig en gelukkig wilt samenzijn. Vansteenwegen: ‘Meestal gaat men ervan uit dat het genoeg is om van je partner te houden om ermee te kunnen leven. Maar wie niet goed voor zichzelf zorgt, kan ook niet voor een partner zorgen.’
|
|||||||||
Opdrachtgever: De ZaakAlgemeen verhaal Zelfstandigen over het wel/niet afdekken van het arbeidsongeschiktheidsrisico.‘Al moet ik in een caravan in het bos gaan wonen.’door MONIQUE KOUDIJS Minder dan de helft van de zelfstandigen (40-45%) verzekeren zich tegen arbeidsongeschiktheid. Is dit naïef of een typische ondernemershouding dat men zich er – indien nodig – wel uit weet te redden? En: wat zijn de kosten, bij wie moet u zijn en welke afwegingen moet u maken.‘Als ondernemer ben ik gewend mij zelfstandig te redden en mijn eigen problemen op te lossen. Als ik ziek word en geen inkomsten heb, los ik dat ook wel weer op, denk ik dan.’ Mariel Beemster, styliste, coupeuse en eigenaar van een VOF en kinderkledinglabel heeft er niet lang over nagedacht of zij een arbeidsongeschiktheidsverzekering zou afsluiten ‘Ik ben geen ondernemer geworden om mijzelf in te dekken. Dat zit niet in mijn systeem. Of het slim is, weet ik niet. Mijn werk blijft bij ziekte sowieso liggen, een ander kan het niet doen. Echter: als ik nu voor langere tijd ziek word, heb ik een probleem. Ik zal dan bij de Bijstand moeten aankloppen. Maar ik ben gewend de tering naar de nering te zetten en heb geen koophuis of andere hoge vaste lasten. Als ik meer verdien, en daarnaar ga leven, is het een andere kwestie.’ Naar boven Recente CijfersVolgens de meest recente cijfers (eind 2006) van het Ministerie van Economische Zaken is slechts 40 tot 45 % verzekerd tegen arbeidsongeschiktheid. Ons eigen onderzoek onder een tiental zelfstandigen levert een soortgelijke score op. Zes van de tien hebben geen verzekering afgesloten voor arbeidsongeschiktheid. Alle zes hebben zich er weinig in verdiept, denken – zonder uitzondering – dat het heel duur is en schuiven het voor zich uit. ‘Ik wil eerst mijn bedrijf op poten zetten, voordat ik kan inschatten wat ik daarvoor kan reserveren’, zegt de een. ‘Die verzekering komt wel. Eerst even flink binnenlopen’, zegt de ander. Op de vraag hoe ze het gaan doen, als ze toch ziek worden, krijgen we te horen: ‘Ik kan met weinig rondkomen en scharrel wel wat bij elkaar’ tot ‘Al moet ik in een caravan in het bos gaan wonen en bessen plukken. Het is een illusie om te denken dat je alles kan afdekken’. Diegenen die zich wel hebben ingedekt, hebben al eerder ervaringen gehad met ziekte (WAO), hebben kinderen en/of een eigen huis of zien om zich heen collega’s last krijgen van beroepsziekten. Marjolein Janssen, 52 jaar en grafisch ontwerper, ziet bijvoorbeeld steeds meer collega’s om zich heen kwakkelen met RSI-klachten. Haar leeftijd, de op de loer liggende beroepsklacht RSI en haar fanatieke werkhouding gaven de doorslag een arbeidsongeschiktheidsverzekering aan te schaffen.Voor 160 euro per maand is zij verzekerd voor een minimum inkomen van 1260 euro bruto per maand bij ziekte en langdurige arbeidsongeschiktheid. ‘Als ik ziek ben, heb ik wel wat anders aan m’n hoofd dan creatieve oplossingen te bedenken voor gederfde inkomsten. Bovendien kan ik claims aan mijn broek krijgen van opdrachtgevers voor het – niet op tijd – leveren van opdrachten. Ik heb het geluk dat ik niet verlegen zit om werk en genoeg verdien om de verzekering te kunnen betalen.’ Risico'sNaïef wil Marjan van Noort, directeur van FNV Zelfstandigen het niet noemen als zelfstandigen besluiten geen arbeidsongeschiktheidsverzekering (AOV) af te sluiten. ‘Zolang ze het maar bewust doen en weten welke risico’s ze aangaan.’ De vakbond vindt het wel verstandig als ondernemers iets regelen voor het geval ze langdurig arbeidsongeschikt worden. ´Wij kennen de cijfers van mensen die een burnout kregen en waarvan het bedrijf bijna failliet is gegaan omdat ze geen vangnet hadden geregeld. Vijfennegentig procent van hen had geen AOV afgesloten, de bedrijfsresultaten liepen met zo´n 45 procent terug en twee op de drie zzp-ers met een burnout hebben er klanten door verloren.’ Van Noort bespeurt nog te weinig kennis over de AOV bij zelfstandigen. ‘Wij proberen zoveel mogelijk voorlichting te geven, ook via de Kamer van Koophandels, maar het is ook belangrijk dat hun boekhouder die informatie geeft en de bank ze erop wijst. In feite zouden alle instanties waar je als zelfstandig ondernemer mee te maken krijgt, moeten aangeven dat je daarin een keuze moet maken.’ De vakbond adviseert ondernemers goed te onderzoeken wat de risico’s zijn. Van Noort: ‘Als je er toch voor kiest om geen AOV-verzekering af te sluiten, schat je het risico dat jou iets overkomt blijkbaar niet zo hoog in. Of je hebt andere oplossingen gevonden, zoals een parttime baan in loondienst naast je werkzaamheden als zelfstandige, een partner die voldoende inkomen heeft, vermogen of spaargeld. Het gaat erom: welke risico’s vind je aanvaardbaar. Om een griepje van twee weken, praten we dan niet. Voor de kortere termijn kan je vaak nog wel iets regelen met je opdrachtgever. Maar het is vooral belangrijk de gevolgen van langdurige ziekte onder de loep te nemen, zoals een burn-out bijvoorbeeld.’ Toch verzekerenStel, u hebt besloten om u wel te verzekeren. Waar moet u dan zijn, waar moet u op letten? Het grote, ondoordringbare woud kondigt zich aan met aanbiedingen, kleine lettertjes, voorwaarden en uitsluitingen. Om kort en duidelijk te zijn: op de vraag ‘Wat is de goedkoopste AOV-verzekering’ is geen antwoord te geven. Een ondernemer die meehelpt in de bouw betaalt een veel hogere premie dan een zakelijk adviseur. Een gezonde jonge ondernemer van 28 jaar betaalt minder premie dan een 45-jarige tennisleraar met chronische knieklachten. Alles is afhankelijk van uw persoonlijke situatie (leeftijd, beroepsrisico’s, gezondheid) en uw persoonlijke keuzes uit de mogelijkheden (zoals bijvoorbeeld: hoe hoog stelt u uw verzekerd dagloon, hoe ruim stelt u de wachttijd voordat u wordt uitgekeerd en tot welke leeftijd laat u uw uitkering doorlopen). Uw branche-organisatie biedt ongetwijfeld een AOV-verzekering die is toegespitst op de specifieke beroepsrisico’s van uw branche, de vakbonden bedingen speciale regelingen bij private verzekeringen, uw eigen verzekeraar biedt korting, de private verzekeringen stunten en last but not least: het UWV biedt een verzekering voor beginnende ondernemers (zonder medische uitsluitingen), mits u binnen 4 weken na afloop van uw verplichte verzekering beslist (Alfa-hulpen uitgezonderd). En daar ligt nu net de bottelnek: startende ondernemers hebben al zoveel aan hun hoofd, dat een gedegen onderzoek naar verzekeringen er veelal bij inschiet. “Ik vind het al heel wat dat ik een WA-verzekering heb afgesloten’, zei een van de startende ondernemers uit ons onderzoek. De nauwe aanmeldingstermijn van vier weken zal overigens naar verwachting per 1 juli 2008 worden opgerekt naar dertien weken, meldt Ruud Stevens, persvoorlichter van het Ministerie van Economische Zaken. VergelijkenWij vergeleken – willekeurig - drie verzekeringen voor het verzekeren van een beginnende zelfstandige van 52 jaar, zonder noemenswaardige gezondheidsklachten en een beroep als grafisch ontwerper. Twee grote particuliere verzekeraars en het UWV werden aan een grondig onderzoek onderworpen, waarbij we vooral letten op acceptatievoorwaarden en de verhouding tussen premie en uitkering. Bevindingen: het UWV kwam – voor ons - als meest aantrekkelijk uit de bus vanwege de relatief lage premie (met de duurdere scheelde het de helft; met het middensegment 20%), de korte wachttijd van uitkeren (2 dagen tegenover veelal 1 maand) en de coulante acceptatieplicht (bij het UWV zijn er geen acceptatievoorwaarden behalve de aanmeldtermijn, in tegenstelling tot de meeste andere verzekeraars). Maar er zijn meer kapers op de kust, de markt roert zich. Zo biedt de Stichting ZZP Nederland een gunstig alternatief voor de arbeidsongeschiktheidsverzekering: een collectieve overbruggingsverzekering voor vaste lasten bij ziekte. Voor honderd euro in de maand betaalt de verzekering na dertig dagen tweeduizend euro bruto uit (mits dit in overeenstemming is met de vaste lasten, plus vijfhonderd euro voor losse uitgaven) gedurende tenminste twee jaar. Alleen een bestaande ziekte of aandoening wordt uitgesloten. FNV Zelfstandigen, die momenteel speciale regelingen voor haar leden heeft getroffen bij Achmea, zint nog op een verzekering die nog meer op maat is voor zelfstandig ondernemers. Ook verzekeringsmaatschappij Nationale Nederlanden heeft zich onlangs grondig verdiept in de behoeften van zzp-ers en wil zijn verzekeringen daarop aansluiten. Met een groeiend aantal zelfstandigen op de markt, zullen de (stunt)aanbiedingen voor AOV’s voorlopig niet tot bedaren komen. Zo biedt REAAL Verzekeringen in het online Mkb-bulletin van Zibb.nl vijftig procent korting in het eerste jaar van de AOV. Blijf dus alert, ook op de kleine lettertjes. Voor meer specifieke informatie over AOV’s, kijk op onze website www.dezaak.nl en de onafhankelijke website www.verzekeringen-online.nl, * Om privacy-redenen is de naam Marjolijn Janssen gefingeerd. Kader 01: Let goed op de polisdefinities! Waarvoor bent u verzekerd? Hoe wordt bijvoorbeeld het begrip arbeidsongeschiktheid bepaalt? Ontvangt u een uitkering zodra u uw beroep niet meer kunt uitoefenen (zgn. ‘beroepsgeschiktheid’) of geldt het criterium van passende arbeid. Hoe wordt het maatmanloon vastgesteld (dat is het loon wat u zou kunnen verdienen als u gezond was)? Gaat de verzekering uit van de laatste drie maanden (die misschien toevallig laag waren) of kijken ze naar een ruimere periode? De hoogte van de dekking: dus waarvoor bent u verzekerd? Het tijdstip van uitkeren: kiest u er bijvoorbeeld voor om u pas na een maand ziekte uit te laten keren, twee maanden of een jaar? Hoe langer de wachttijd, hoe lager de premie. Welke premie betaalt u en wat krijgt u ervoor terug? Zijn er beperkingen op grond van uw gezondheid? (Gaat er een keuring aan vooraf, worden bepaalde klachten uitgezonderd van verzekering, etc). Vraag bij verschillende verzekeringen offertes aan! Zet van tevoren op papier wat je verzekerd wilt hebben, zodat je geen appels met peren vergelijkt. Wat kost een AOV-verzekering? De kosten van een AOV-verzekering zijn geheel afhankelijk van uw persoonlijke situatie (leeftijd, beroepsrisico’s, gezondheid, etc) en uw persoonlijke keuzes uit de mogelijkheden (hoe hoog stelt u uw verzekerd dagloon, hoe ruim stelt u de wachttijd voordat u wordt uitgekeerd, tot welke leeftijd laat u uw uitkering doorlopen, etc). Kan ik zelf de hoogte van de uitkering bepalen? Tot op zekere hoogte. De verzekering kijkt naar wat realistisch is in relatie tot uw laatst verdiende loon, het gemiddelde inkomen over een bepaalde periode of de winst- en verliesprognose van uw onderneming. Kader 03: Een rekenvoorbeeld: |
||||||||||
Opdrachtgever: Ajuus magazineKader:
Kunstenaar in GriekenlandOP PAROS LEEF IK, IN AMSTERDAM WERK IKdoor MONIQUE KOUDIJS Kunstenaar Wim Drion woont samen met zijn vrouw Eva het grootste deel van het jaar op het Griekse eiland Paros. Paros zou je een kunstenaarseiland kunnen noemen. Griekenland kent echter geen kunstmarkt, dus blijft zakelijk contact met Nederland nodig.Kreta, Rhodos en Korfoe zijn de meest geliefde bestemmingen van Nederlanders die naar Griekenland emigreren. Onder hen veel gepensioneerden en emigranten die in de horeca aan de slag gaan. Kunstenaar Wim Drion (61) week uit naar de Cycladen, een eilandengroep van ruim veertig eilanden in de Egeïsche zee die in een cirkel rond Delos liggen. Op het kunstenaarseiland Paros is hij gebleven. ‘We zijn aan Paros verslaafd geraakt’, zegt zijn vrouw Eva, die inmiddels Grieks vertaalster is. ‘We hebben geprobeerd om af te kicken, maar het is ons niet gelukt.’ Nu wonen ze zo’n zeven maanden per jaar op Paros. Overwinteren doen ze in Nederland. ‘Dat heeft te maken met de familie. Kerst is voor de Grieken niet zo belangrijk. Pasen is het grootste feest in Griekenland, dat wordt uitbundig gevierd en daar willen we ieder jaar graag bij zijn. Stoelen en tafels worden naar buiten gedragen, er hangt een lammetje aan het spit en er wordt gegeten, gedronken en gedanst. In maart begint het bij ons meestal ook te kriebelen, dan willen we weer weg.’ Wim en Eva wonen midden in de Venetiaanse Kastro in Parikia, een door Unesco beschermde wijk. Een wirwar van kleine, smalle straten leidt ons naar het Cycladische huis: een witgepleisterd bescheiden verblijf met plat dak en riant uitzicht over de baai en een deel van de stad. Binnen is de temperatuur flink opgelopen. De warmte van de langdurige hittegolf heeft zich verzameld in de 88 centimeter dikke muren en heeft het effect van een steengrill. Ook op het platte dak is het heet, zelfs onder de pergola. ’s Avonds is het er beter toeven en zien we de kleuren warmer worden, de lucht kleurt oranje tot de zon in zee verdwijnt. Veel Grieken zoeken na de siësta de boulevard, (platte) daken en balkons op. ‘Het uitzicht trok ons over de streep’, zegt Wim. ‘Dat vonden we zo geweldig.’ Ze hebben het huis in langdurige bruikleen – een rijke Mecenas kwam op hun pad - en kunnen het gebruiken alsof het van henzelf is. Zwaan-kleef-aanParos zou je een kunstenaarseiland kunnen noemen. Navraag bij de Nederlandse ambassade in Athene leert ons dat er momenteel zo’n zeventig tot tachtig kunstenaars van allerlei nationaliteiten op het eiland wonen. Ook is er een ‘Huis van de schrijver’ gevestigd, eigendom van het Grieks National Book Center die de locatie vrijhoudt voor schrijvers die een aantal maanden op het eiland willen verblijven. Paros kent al eeuwenlang een artistieke traditie. Griekse kunstenaars uit de Oudheid wisten het eiland al te vinden, onder wie beeldhouwers die hebben meegeholpen aan sculpturen voor het Parthenon. De kwaliteit van het witte marmer uit de marmergroeven op Paros was uitzonderlijk en had een aanzuigende werking. De Maráthi marmergroeven bij Lefkes hebben het marmer voor het beeld de Venus van Milo geleverd, evenals het marmer van de graftombe van Napoleon. Op het eiland is een Marmor Parium gevonden, een in marmer gevonden historische kroniek met gegevens over Griekse kunstenaars. De Amerikaanse schilder Bratt Teyler vestigde er in 1966 vervolgens een Art School, The Aegean Center for the Fine Arts. Sindsdien is er een zwaan-kleef-aan-effect van kunstenaars uit allerlei – vooral Europese - landen. Maar er is meer dat aantrekkelijk is, vinden Wim en Eva. Zo vinden ze de bewoners van het eiland zeer prettig in de omgang. ‘Ze zijn heel vriendelijk en tolerant.’ Dat wil per eiland nog wel eens verschillen, betogen ze. Ook de gemoedelijkheid van het eilandleven bevalt hen, de rust en de tradities. Eenmaal op Paros stagneren de prikkels van de buitenwereld: er komt bijna geen post, de telefoon rinkelt minder en de agenda is niet zo dwingend. Wim: ‘De belangrijkste redenen dat ik steeds weer terug wil naar Paros zijn de kleuren en de sfeer. Je wordt met rust gelaten, er heerst veel meer een klimaat van reflectie. Dat stimuleert mij als kunstenaar. Ik vind nieuwe motieven en krijg nieuwe ideeën.’ Moderne kunstCultureel gunstig klimaat of niet, kunst verkopen aan de Grieken lukt maar moeizaam. Hoewel de status van een kunstenaar in Griekenland veel hoger is dan in Nederland, moet Wim het wat de verkoop betreft vooral van de buitenlanders op het eiland hebben. ‘Mijn beste vriend op Paros is een Griekse edelsmid. Hij is echt een van de weinige Grieken die schilderijen van mij heeft gekocht, die mijn werk mooi vindt. Voor de meeste Grieken is kunst iets wat in een museum hangt of in de kerk.’ Hij wijt dit aan opvoeding en culturele achtergrond. ‘Er is in Griekenland nog geen traditie om kunst te kopen. Er is vrijwel geen kunstmarkt. Ook is er nog een enorme kloof naar moderne kunst. Pas in de aanloop van de Olympische Spelen in 2004 zijn de Grieken halsoverkop begonnen met het inrichten van een museum van Moderne Kunst in Athene. Ook zijn er – in vergelijking met Amsterdam – nog maar weinig galerieën met moderne kunst.’ De zakelijke factor maakt het voor Wim en Eva noodzakelijk de banden met Nederland aan te houden. Wim: ‘Ik kan niet alleen afhankelijk zijn van de buitenlanders op het eiland, of die nog een plekje vrij hebben aan de muur. Ik moet het ook hebben van de normale kunstkanalen in Nederland.’ Ook Eva heeft als vertaalster Grieks haar meeste zakelijke contacten in Nederland. Maar niet alleen de zaken houdt hen deels in Nederland. Het leven in twee landen, in twee huizen heeft meer voordelen. ‘Op Paros leef ik, in Amsterdam werk ik’, zegt Wim. Behalve enkele schilderworkshops voor Nederlandse toeristen, is Paros er voor de sfeer, rust, contemplatie en sociale contacten. Indrukken die op Paros zijn opgedaan en hooguit zijn vastgelegd door middel van schetsen en aquarellen, worden in Amsterdam op schildersdoek uitgewerkt. In Nederland laadt hij zich cultureel weer op, bezoekt musea, concerten en ballet. Bovendien geeft hij in de winter gastlessen op de Academie voor Bouwkunst in Arnhem. Het contrast tussen beide landen geeft weer inspiratie voor zijn werk en houdt hem scherp. Ongeschreven wettenBinnenkort mogen ze stemmen, op de burgemeesterspost op Paros. Een elektriciteits- of telefoonrekening op naam is voldoende om te mogen stemmen. Wim: ‘Je moet een papier laten zien dat je verbonden bent met het eiland.’ Speciaal voor de buitenlandse emigranten organiseerde de burgemeester van Parikia drie avonden om zijn plannen uit te leggen en de emigranten te vragen wat ze veranderd zouden willen zien. ‘Grieken zijn nooit alleen maar zakelijk. Als ze iets bij je komen doen, is dat een gunst. Ze moeten je mogen. Zelfs bij hele kleine dingen zoals het op een andere naam zetten van een elektriciteitsrekening. Wil je verbouwen, dan vragen ze links en rechts wie je bent. Met kleine cadeautjes effen je het pad. Wil je ergens een vergunning voor, dan schuif je met een envelopje, anders kan het maanden duren. Dat hebben wij nooit gedaan trouwens.’ Een aannemer die zei dat ‘ie het veel te druk had, trok Wim over de streep met een leuke cd. ‘Ik merkte in een gesprek dat hij van muziek hield.’ De volgende dag kwam de man langs om te timmeren. ‘Voordat je een huis koopt in Griekenland of iets wilt bouwen, raden we iedereen aan om iemand te zoeken die de plek kent, die je adviezen kan geven en je kan wijzen op de valkuilen. En neem altijd een advocaat, ook als je werk zoekt als buitenlander. In Griekenland ben je niets zonder advocaat en zonder kruiwagen.’ Er zijn meer ongeschreven wetten op het eiland. Zo heeft de tijdloze levensstijl van de Grieken zeker charme, vinden Wim en Eva, maar wekt ook irritatie. ‘Aan de ene kant is het heel prettig dat een Griek niet met agenda’s werkt’, zegt Wim. ‘Een Griek is meester in het improviseren, op de een of andere manier komt het bij hen altijd weer goed.’ Voor een tentoonstelling wilde hij een catalogus laten drukken. ‘In de planning bouwde ik al een enorme reserve in’, vertelt hij. Uiteindelijk kwamen de catalogi vlak voor de opening van de boot rollen vanuit Athene. Wim: ‘Hij is toch op tijd?, zeggen ze dan. ‘Waar maak je je druk om?’ Daar word je wel zenuwachtig van. Ook toen onze boiler stuk was en we dringend een loodgieter nodig hadden, zeiden ze spoedig langs te komen. Maar ze komen niet of pas over drie dagen. Soms is het moeilijk te accepteren. Maar je moet altijd rustig en aardig blijven. Blijf ze prikkelen en blijf het warm houden. Word je kwaad, dan doen ze niks meer.’ Net verkeerdIeder avond rond zeven uur stroomt de boulevard van Parikia vol mensen. Het is de tijd waarop de Grieken elkaar ontmoeten. Twee oude mannen zitten op de kademuur en hebben zo’n tien minuten lang de slappe lach. Voordat de meeste mensen neerstrijken op een van de terrasjes - vaak na zonsondergang - lopen ze eerst een aantal malen heen en weer. ‘Ook al kom je elkaar die avond driemaal tegen, je blijft elkaar aanspreken met ‘hoe gaat het met u?’, zegt Wim. ‘De mensen kennen en groeten mij. Het werkt allemaal mee om mij daar thuis te voelen.’ We zien de zon vrij snel in zee zakken, vanaf de terrassen recht voor ons neus. We zien de verkleuringen van het water, de lucht en de rotsen bij het ondergaan van de zon. De boulevard staat mooi recht op de zee. ‘Bij het eiland Milos zit je wat dat betreft net verkeerd’, zegt Wim. ‘Op Naxos precies hetzelfde.’ |
||||||||||
| © Monique Koudijs, Tekstbureau Hollandse Kost in |
In de Pers
|