LEPRABESTRIJDING ANNO 1997
door MONIQUE KOUDIJS
Vraag de Leprastichting niet naar snelle successen. "Het is geen voetbalwedstrijd, waarin je zo nu en dan een doelpunt scoort en iedereen juichend opveert", zegt Daan Ponsteen, medewerker veldprojecten in Zuid-Amerika en Oost-Azië. Samen met zijn collega Jan Willem Dogger, die de projecten in Afrika en West-Azië begeleidt, zet hij het traditionele beeld van ontwikkelingshulp danig op z'n kop.
Waar dertig jaar geleden nog sprake was van toeval (een pater ontdekt op een afgelegen plek een leprozerie en stuurt geschokt een hulpkreet de wereld in), heeft de hedendaagse leprabestrijding een indrukwekkende, wereldwijde organisatiestructuur. Verhalen over charitas en mensonterende taferelen maken plaats voor betogen over strategie, kwaliteit en consistentie. Leprabestrijding anno 1997. Ponsteen: "Het is een zaak van lange adem. Het is niet zo van: ziekenhuis bouwen, vlag er bovenin en je bent klaar. Nee, je begint ergens en je bent er twintig jaar bezig."
Naar boven
Voordat de Leprastichting in een land aan het werk gaat, wordt eerst het gebied grondig in kaart gebracht. Waar zit het probleem? Hoe wordt het een en ander geregeld op staats- , districts- en dorpsniveau? Waar zitten de zwakke plekken? De medewerker veldprojecten en de medisch adviseur werken daarin nauw samen met de overheid. "Ons werkterrein breidt zich voortdurend uit, zowel in aantal landen als in hoeveelheid projecten." Zo is Bolivia onlangs aan de lijst van landen toegevoegd. In Brazilië zijn de projecten in vier jaar tijd tot in tien staten uitgebreid en in Indonesië is de Leprastichting inmiddels actief in zestien van de zevenentwintig provincies. Uit andere landen daarentegen trekt de Stichting zich langzaam terug, zoals uit Thailand, China en Gambia. "Dankzij de nieuwe medicijnen is daar het aantal patiënten in de loop van de tijd zo sterk afgenomen, dat we nog slechts beperkt actief zijn."
Vastklampen
Ook in Nigeria is de overdracht aan de lokale gezondheidszorg in een vergevorderd stadium. Jan Willem Dogger: "Jarenlang heeft daar een Nederlandse arts gezeten die als medisch adviseur de programma's in de gaten hield in de dertien deelstaten waarin wij actief zijn. Eind 1997 is die functie overgenomen door twee hoogopgeleide Nigerianen. Een van hen heeft op onze kosten aanvullende training gevolgd en beiden komen nu in dienst van de Leprastichting." Tien lokale medici uit diverse landen hebben inmiddels zo'n post-academische training gevolgd bij het Koninklijk Instituut voor de Tropen (KIT) in Nederland op kosten van de Leprastichting. Zij bezetten veelal hoge posten binnen het leprabestrijdingsprogramma in hun land, zodat Nederlandse artsen zich langzamerhand uit het land kunnen terugtrekken. Een indicatie: in 1980 waren er twintig Nederlandse artsen wereldwijd werkzaam in vijftig projecten, nu voeren nog slechts tien van hen supervisie over honderd projecten.
Om te voorkomen dat de aandacht voor lepra in de zogenaamde 'succes-landen' verslapt, doet de Leprastichting er alles aan om de ziekte in de betreffende landen op de agenda te houden. Een middel daartoe is een samenwerkingsverband aan te gaan met de tuberculose-bestrijding in een land. Dogger: "Tuberculose (TBC) is een groeiend probleem. Het vergt, evenals lepra, een langdurige behandeling. Bovendien komt TBC bij overheden veel meer in de belangstelling te staan. Lepra is toch de ziekte van de verschoppelingen en TBC kan iedereen oplopen. Als wij nu ons systeem van training, supervisie en follow-up aanbieden, kunnen we goed samenwerken. TBC kan dan meerijden op de fiets van lepra. Neemt lepra af, dan neemt TBC het trappen over. Op deze manier kunnen we de leprazorg toch continueren."
In Kenia is de leprabestrijding nu volledig gecombineerd met het TBC-bestrijdingsprogramma. Daar blijkt dat het werkt: de leprapatiënten worden adequaat geholpen. In Indonesië wordt die gecombineerde aanpak inmiddels in acht provincies toegepast. Ponsteen: "De Indonesische regering ziet geleidelijk in dat het een zinnige combinatie is. Want zowel de nationale overheid als de lokale districtsartsen geven geen prioriteit aan lepra. Terwijl voor de TBC-bestrijding momenteel een sterk apparaat wordt opgebouwd met goede medische voorzieningen, transport en supervisie. Daar kunnen we ons later met een gerust hart aan vastklampen." Een reden voor de Leprastichting om ook in Indonesië de vinger stevig aan de pols te houden is het feit dat er per jaar nog steeds twintigduizend nieuwe leprapatiënten worden ontdekt.
Tegenvaller
Zodra een leprapatiënt zich meldt bij een gezondheidspost, is het noodzakelijk hem goed te begeleiden. Maakt de patiënt zijn kuur af? Treden er complicaties op? Training van de lokale medische staf in de regionale gezondheidsposten heeft daarom een hoge prioriteit. Bovendien wordt, in beginsel vanuit Nederland, een medisch adviseur aangesteld die het programma in de gaten houdt en waar nodig adviseert en stimuleert. Niet ieder land is daarin even meegaand. Neem nu Brazilië. Daan Ponsteen:
"Het is een vrijgevochten land. Men neemt niet snel iets van een buitenstaander aan. Er is net een arts teruggekomen, die er geen voet aan de grond kon krijgen. Dat is een fikse tegenvaller. Zonder een medisch-technisch adviseur ter plekke, is het voor ons moeilijk waar nodig bij te sturen."
Volgens Ponsteen kent het programma in Brazilië nog veel zwakke plekken. Zo worden de leprapatiënten in het land behandeld binnen de dienst dermatologie (huidziekten). "Een dermatoloog wacht in zijn kliniek totdat de patiënten langskomen, schrijft medicijnen voor en dan is het afgelopen. Bij lepra is het noodzakelijk dat je zicht blijft houden op de patiënt. Controleren of de patiënt iedere maand zijn medicijnen komt halen. Tijdig complicaties signaleren. Lepra heeft bovendien met de zenuwen te maken, wat niet tot het specialisme van een dermatoloog behoort."
Solide
Leprabestrijding is een kwestie van organisatie. Training, medicijnverstrekking en kwaliteitszorg hebben hoge prioriteit bij de Leprastichting. Daarom opteert zij niet voor snelle successen. Er moeten zelfs helemaal geen pieken en dalen zijn. "Het moet een solide stroom van activiteiten zijn, een continu proces." Zo heeft de Leprastichting inmiddels bewerkstelligd dat in alle gebieden waar zij werkzaam is bijna honderd procent van alle opgespoorde patiënten in haar projecten met de MDT-kuur behandeld wordt. Bovendien hebben de veldprojecten van de Leprastichting een voorbeeldfunctie voor de kwaliteit van het nationale programma. Leprabestrijding is dus niet alleen een zaak van het vinden en genezen van patiënten, maar draagt in deze vorm ook bij tot verbetering van de algehele gezondheidszorg en daarmee tot het ontwikkelingsniveau van een land.
Naar boven |