Naar HomepageNaar PortfolioNaar Contactpagina

Opdrachtgever:FNV KIEM

Opdracht:

1. Artikel over de website van de gezamenlijke CBK's, 'Kunstenaars.nu’, op basis van eigen nieuwsgaring.

2. Interview jongeren die actief hebben geflyerd voor de manifestatie van 2 oktober 2004 naar hun mening over de vakbond.
Sinds de manifestatie is de vakbond weer zichtbaar. Wat heeft de vakbond jongeren te bieden, wat verwachten ze ervan en wat hebben ze nodig. Maar belangrijker: wat kan de vakbond doen om jongeren weer enthousiast te krijgen, ofwel: hoe kan de vakbond voor jongeren weer 'swingend' worden? Tekstversie

Datum: dec '04

FNV KIEM magazine
Tekstversie:

JONGEREN: DE BOND IS COOL

door MONIQUE KOUDIJS

De manifestatie van 2 oktober heeft laten zien dat de vakbeweging weer leeft. Dat vinden jongeren die actief hebben geflyerd in de aanloop van de actie. Jeroen Versendaal (23), Jhamyma Elizabeth (29)en Vitali Zhuk (30) geven hun mening over hoe de vakbond weer ‘cool' zou kunnen zijn.

Naar boven

“Hoe de vakbond bezig is geweest het afgelopen jaar, daar ben ik helemaal voor. Zeker weten” , zegt grafisch technicus Jhamyma stellig. “Ik vond het sensatie, die acties. Als we daar niet met z'n allen op dat plein hadden gestaan, had het kabinet waarschijnlijk niet zoveel meegegeven.”

Jeroen, tweekleurendrukker: “Door de acties hebben ze weer laten zien dat ze er zijn en dat ze er ook voor jongeren zijn.” Dat is belangrijk, vindt hij. “Dan ziet iedereen de voordelen weer.” Sinds hij lid is van de vakbond voelt hij zich zekerder in gesprekken met zijn baas. “Ik weet nu wat mijn rechten zijn en vindt het handig om te weten dat er iemand achter mij staat. Ook als je vragen hebt, kan je altijd even bellen.”

Jhamyma: “Maar ze moeten zich wel laten zien, vertellen dat de vakbond er niet voor niks is. Het gaat over onze toekomst en die van mijn kind. Nu waren ze continu op tv, gooiden briefjes in de bus. Daardoor voelde ik mij meer betrokken. Het zit nu bij iedereen in het hoofd en dat moeten ze niet weer laten inslapen.”

Stoer

Ook de flyer sprak duidelijke taal, vinden ze. Jhamyma: “Jongeren vinden snel iets saai. De boodschap moet zo klaar als een klontje zijn: dit is wat er nu speelt, dit doen ze voor me en dit heb ik er aan, klaar.”

Vitali, danser bij het Internationaal Danstheater: “Spreek in hun taal en geef duidelijke voorbeelden wat zij er zelf aan kunnen hebben. En doe dat vooral op een leuke manier, want het moet ook een beetje gezellig zijn, met optredens, muziek.” De manifestatie van 2 oktober vond hij in dat opzicht geslaagd. Hijzelf liep drie dagen geestdriftig rond met flyers in de hoofdstad. “De jongeren die ik aansprak reageerden vaak enthousiast en waren goed op de hoogte. Soms deden ze wel een beetje stoer, maar ik heb niet gemerkt dat ze er niets van wilden weten. Soms kwamen ze zelfs naar mij toe of ze flyers mochten hebben om uit te delen. Ik zag ook bijna niemand het papier gelijk weggooien; dat vond ik een goed teken.”

Moet de boodschap van de vakbond swingender? Voor jongeren werkt dat wel beter, weten ze. Denk aan een informatiestand bij live optredens. Dance for Live wordt als voorbeeld genoemd en War Child : daar wordt de serieuze boodschap gecombineerd met iets aangenaams en jongeren komen er massaal op af.

Een andere suggestie: informeer jongeren via internet, met banners* op favoriete jongerensites. Jeroen: “Op de site Playstation 2 wordt veel informatie gegeven over spelletjes, daar zitten echt gigantisch veel jongeren op. Meestal staan er ook banners naar andere, meer informatieve sites. Ik klik dat toch altijd even aan om te kijken wat het is. Ik wel in ieder geval, want dan ben ik toch nieuwsgierig.”

Naar boven

 

GEZAMENLIJKE CBK’S LANCEREN WEBSITE

door MONIQUE KOUDIJS

December 2004

De website waarop alle professionele kunstenaars van Nederland staan vermeld, www.kunstenaars.nu, nadert zijn voltooiing. Met een nieuwe vormgeving en een soepeler zoekmachine zal de website van de gezamenlijke CBK’s nog dit jaar middels een landelijke campagne onder de aandacht worden gebracht. Alleen de kunstenaars in Limburg, Flevoland en Amsterdam missen nog aansluiting.

Op dit moment zijn er twaalf regionale en grootstedelijke Centra Beeldende Kunst aangesloten op het landelijke portal, waarmee de landelijke dekking aardig begint te vorderen. Limburg en Flevoland ontberen echter een CBK, evenals de stad Amsterdam. Toon Kort, directeur van het Centrum Beeldende Kunst in Utrecht en tevens voorzitter van de landelijke portal Kunstenaars.nu: “In Limburg is men nu bezig met het opzetten van een CBK. Zodra dat er is, hetgeen afhankelijk is van de besluiten over de cultuurplanperiode 2005-2008, wordt hun bestand gekoppeld aan het landelijke net. De kunstenaars van Flevoland kunnen wellicht via het CBK in Overijssel aangesloten worden. Dan hebben we nog één ontbrekend gebied en dat is Amsterdam. Ik ben nu aan ’t proberen daar middels fondsen een oplossing voor te verzinnen. Vermoedelijk zal het zo zijn dat we daar het initiatief omdraaien: dat de Amsterdamse kunstenaars zich individueel kunnen aanmelden, met of zonder tussenkomst van een CBK. Als dat lukt, hebben we het hele beroepsveld compleet, want de rest van de provincies zijn allemaal aangesloten en online.

Portfolio

Naar boven 

Nu zijn de afzonderlijke CBK’s al wat langer bezig de databestanden van de professionele kunstenaars in hun gebied te digitaliseren. Zo timmert het CBK in Rotterdam al sinds 2000 stevig aan de weg. Beeldend kunstenaars die bij dit grootstedelijke CBK staan ingeschreven kunnen kosteloos acht afbeeldingen laten plaatsen op de website www.rotterdamsekunstenaars.nl. Ook een eventuele link naar persoonlijke websites is mogelijk. Twaalfhonderd kunstenaars staan nu ingeschreven, waarvan ongeveer de helft ook daadwerkelijk gebruik maakt van de mogelijkheid een portfolio te plaatsen. Rotterdam hoorde dan ook bij de CBK’s die bij de start van de website Kunstenaars.nu was aangesloten. Maar niet ieder CBK is zo ver. Stichting Kunst en Cultuur Noord-Holland heeft bijvoorbeeld nog een achterstand in het opbouwen en digitaliseren van haar kunstenaarsbestand.

Toch is het opmerkelijk dat het landelijke portal van de grond is gekomen, vindt Toon Kort. “Juist omdat de Centra Beeldende Kunst zo verschillend zijn. Het is echt een lappendeken.” Zo zijn enkele centra voortgekomen uit de voormalige cultuurraden (Zuid-Holland en Noord-Holland bijvoorbeeld), andere het resultaat van particulier initiatief of initiatief van de stedelijke en provinciale overheden. Limburg, Flevoland en de stad Amsterdam hebben geen CBK. Ook de activiteiten van de centra willen nogal eens verschillen, afhankelijk van de opgedragen taken en subsidies van lokale of provinciale overheid. “Daarom is het bijzonder dat zij gezamenlijk tot dit concrete product zijn gekomen.” De website is zelfs het startschot voor meer landelijke samenwerking. Hoewel de website al vanaf april 2003 online is, wordt er achter de schermen nog hard gewerkt aan een landelijke dekking van het databestand.

CBK-normen

Een landelijke portal heeft zo z’n voordelen. Via een zoektocht op naam, woonplaats, discipline en/of techniek kan de bezoeker iedere willekeurige professionele kunstenaar in Nederland opsporen. “Door middel van één actie kun je nu in al die bestanden zoeken. Dat is ongelooflijk fijn voor mensen die bijvoorbeeld een tentoonstelling willen gaan inrichten. Een zoeksleutel zou dan kunnen zijn: vrouwelijke glaskunstenaars beneden de dertig. Vroeger zat je je lam te bellen en te zoeken naar die gegevens, nu is het een fluitje van een cent.”
Ruim vijfduizend beeldend kunstenaars staan momenteel geregistreerd, die allemaal getoetst zijn op professionaliteit volgens eensluidende CBK-normen. “Toetsen op de kwaliteit van het werk is bijna onmogelijk. Daar krijg je ruzie van. We kijken onder meer naar opleiding. Maar belangrijker is deelname aan het maatschappelijk verkeer: heeft iemand tentoonstellingen, doe je mee aan projecten, is je werk aangekocht in collecties, dat soort dingen. Iedere provincie toetst op z’n eigen manier, maar die toetsingen lijken erg op elkaar hebben we onderzocht, zodat we gelijksoortige kwaliteit bieden.”

Verschillende fondsen, onder wie het Prins Bernard Fonds en de Stichting De Gijselaar Hintzenfonds, hebben financiële steun gegeven om de site van de grond te tillen. Momenteel wordt er nog hard gewerkt aan een verbetering van de navigatie, zodat die meer publieksvriendelijk wordt. “Je kunt nu nog merken dat het is opgezet door documentalisten, die meer gewend zijn technisch te zoeken.” Ook het uiterlijk gaat frisser worden. Nog dit jaar zal de nieuwe vormgeving en dito zoeksysteem geïmplementeerd gaan worden, is de planning.

Naar boven

© Monique Koudijs